ONTWERP uitnodiging

Verslag Algemene Vergadering van de Beroepsvereniging der Belgische Longartsen, BBL, Association Professionel des Medecins Specialistes Belges en Pneumologie APP, lid VBS, 16-3-2003 Gosset Hotel Groot Bijgaarden.

PDF versie

Aanwezig: DE BACKER Wilfried, DE MUYNCK Paul , DENAUT Marianne, BASTIN J., DAENEN M., HAENEBALCKE Chr. , MARTINOT JB, Dr C MERCENIER, RINGOET V., SCHANDEVYL W. , VAN KERCKHOVEN W. , JADOUL PAUL, DEMAN RENE, VAN RENTERGHEM DIRK

Verontschuldigd: BAUGNEE P.E., BRANCALEONE, CARRON Chris, DERVEAUX Luc, DEVOGELAERE R., FONTAINE Monique, HANARD Th. , IMPENS Nicole, MARCHANDISE F, MOTTARD Lucien, PIETERS Thierry, RAMAUT Michele, ROBERT Michel, VANDEMAELE BOUDEWIJN, VANMAELEN Wim


1. Oncologie.

Desbetreffende is ondertussen het Besluit over de nomenclatuur of vergoedbaarheid van het Multidisciplinair Oncologisch Consult (MOC) in het Staatsblad verschenen; het ontwerp Zorgprogramma voor Oncologie en het KB Bijzondere beroepstitel Oncologie zijn publicatieklaar.

Er is in het Zorgprogramma een lange weg afgelegd, de rol van de pneumoloog is veel beter opschreven, hij wordt vermeld als noodzakelijk in het zorgprogramma, en als onmisbaar element in de organisatie daarvan.

Dank zij de nomenclatuurnummers voor het MOC kan hij als "geneesheer-coordinator" van de zorg voor de patient het MOC betreffende zijn patienten voorzitten, of kan hij deelnemen aan de vergaderingen, waar weliswaar ook een oncologisch chirurg of een radiotherapeut of een medisch oncoloog moet deelnemen; dit besluit verleent invulling aan het begrip ‘coordinator van zorg rond de patient’, een invulling die verschillend is van hetgeen bedoeld wordt met "de (unieke) coordinator-organisator van het Zorgprogramma". Een publicatie van het Zorgprogramma kan door het begrip ‘oncologie-coordinator’ aan het begrip geneesheer-coordinator, hoezeer het erop lijkt, dus géén àndere invulling geven…, iets waarop we triuwens zullen toezien.

Het blijft wat te betreuren dat de oncologische bekwaamheid niet als intrinsiek deel van de vorming tot pneumoloog is opgenomen…, en dat de universitaire diensten, de Belgische vereniging voor Pneumologie noch het Consilium voor Gastroenterologie dat standpunt hebben gevolgd; het risico blijft dat àndere bekwaamheden (infectiologie, cfr infra) eveneens als bijzondere en niet als intrinsieke bekwaamheid veilig zullen moeten gesteld worden… ; dat in tegenstelling tot de Hematologen bvb van wie de oncologische bekwaamheid zonder bijkomende titel verworven wordt geacht. Onduidelijk blijft het in welke Erkenningscommissie de bijkomende bekwaamheid zal toegekend worden; onze eis blijft dat dat in de Erkenningscomissie voor Pneumolgie zou gebeuren.

Voor het College voor Oncologie die het Zorgprogramma voor Oncologie moet superviseren werd de kandidatuur gesteund van de 4 kandidaten die door de Belgische vereniging voor Pneumologie werden voorgedragen, teneinde maximale garanties te verkrijgen dat minstens 2 pneumologen benoemd zouden worden.


2. Infectiologie.

Er is ondertussen een proefproject Antibiotica-beleid opgestart in verschillende zieknhuizen; voorzitters van die commissies moeten een interuniversitaire cursus volgen, die pas gestart is; naast apothekers en klinisch biologen hebben als clinici enkel de algemene internisten en pediaters toegang tot die vorming, iets waartegen de pneumologen hebben geprotesteerd. Daarenboven wordt door om Prof Peetermans (KUL) deze vorming als ‘glijmiddel’ gebruikt om meteen ook de Bijzondere bekwaamheid in de Infectiologie als vanzelfsprekend aan te kondigen. Het spreekt vanzelf dat die bekwaamheid voor wat de long betreft intrinsiek verweven zit in de pneumologische bekwaamheid, en desbetreffend is samen met de Belgische Vereniging voor Pneumologie een schrijven gericht naar de Ministers Volksgezondheid en Sociale zaken.


3. Raadplegingshonoraria.

Besparingsdrang 2 jaar geleden leidde tot voorstellen om de raadpleginghonoraria te halveren in die gevallen waar ook een substantieel bedrag bijkomend onderzoek ‘in eigen regie’ werd verricht, bvb longfunctieonderzoek. Zulks is kunnen voorkomen worden. In een tweede tijd werden selectief de honoraria van ‘weinig technische specialismen binnen inwendige ziekten’ opgewaardeerd, niet die van pneumologen, cardiologen, gastroenterologen. Analyse leert echter dat algemene internisten globaal evenveel technisch onderzoek doen als de subspecialismen, zelfs als men dialyse daar niet bijrekent! Daarenboven zijn slechts de helft van de longarsten, maagdarmspecialisten en hartspecialisten als pneumoloog, gastroenteroloog of cardioloog strictu sensu erkend; er ontstaat dus een belangrijke discriminatie. Die verschillende raadplegingshonoraria zijn in het nieuwe Artsen-Ziekenfondsenakkoord gelijkgesteld, en verdere opwaardering is voorzien voor april en oktober 2003. Veel is daarbij te danken aan de tussenkomst van Dr M Moens, BVAS. Men kan bvb de 70e deciel van het aantal raadplegingen nemen om zich mee in de prblematiek te orienteren (70e: artsen in volle loopbaan; 30% van de artsen produceren méér, 70% produceert minder), 1999: pneumo 1253, cardio 1343, gastro 1538, inw geneesk 1439, alg heelk 1527, Fysische geneesk 2264, rheumato 2614, pediatrie 2101, ortopedie 3368, gyneco 3343, dermato 4166, oftalmo 3944; 3 groepen als het ware, rond 1500, rond 2200, rond 4000…


4. Longfunctie.

De ‘proefbalonnen’ tot besparing van 3 jaar geleden zijn na nauwkeuriger onderzoek afgevoerd, vooral omdat bleek dat de evolutie van die prestaties slechts paralel loop met het algemeen gemiddelde, heel wat lager dan de ‘bijzondere speciale verstrekkingen’, ‘heelkunde’ of ‘medische beeldvorming’, gedeeltelijk ook omwille van het ontwerp "Longfunctie: standaardisatie Hygiene en Indicaties" van een werkgroep van de Belgische vereniging Pneumologie (BVP/ABP) …

Ergospirometrie: besparings en restrictiemaatregelen waren destijds vooropgezet om het gebruik van dit pneumologie-nummer binnen de cardiologie beter te regelen, maar er ontstond een overinterpretatie van dat opzet met restricties die de nomenclatuur onbruikbaar maakten voor de pneumoloog. Op onze acties heeft het kabinet gunstig gereageerd, en alle pneumologische indicaties blijven behouden, wel zijn stricte voorwaarden gekoppeld aan het onderzoek qua interpretatie (VO2 max als enige parameter citeren is onvoldoende). Voor de cardiologen blijft er wél een probleem…, best op te lossen door een afzonderlijk nomenclatuurnummer, idem voor de algemeen internist. Al kan interpretatie als connex nummer mogelijks gelden…


6. Revalidatie.

Een opzet om de revalidatieprestaties enkel nog onder supervisie van de Fysicotherapeut uit te oefenen werd ondertussen gemilderd: de Pneumoloog-revalidatie arts kan K30 en K60 uitoefenen; hiervoor werd overleg gepleegd met de BVP en waren er tussenkomst vanwege Dr Moens (BVAS) en Dr De Toef, voorzitter Technische raad.

Programma’s longrevalidatie: wellicht worden 12 centra erkend; er wordt geijverd dat elk centrum dat nu al actief is in dat domien toch erkend zou worden.


7. Nationale Problemen organisatie en gezondheidspolitiek: HA en specialist

Het standpunt van het VBS en het duidelijk stellen ervan door de Voorzitter Prof Gruwez in de media heeft tot heel wat reakties geleid, waarbij sommige huisartsen vooral de eigen echo als enige waarheid aannemen (het ‘misleidend-echo’ -principe). Toch blijft gelden dat een absolute echelonnering niet acceptabel is, hoewel samenwerking zeker gestimuleerd moet worden, en voor de Vlaamse Longartsen samenwerking met huisartsen belangrijk en waardevol is… De pneumoloog situeert zich als ‘eerder zeldzaam eerstelijn’. De CM enquete heeft overigens duidelijk gesteld dat ook het publiek zowel gesteld is op de vaste huisarts maar evenzeer zich het recht voorbehoudt rechtsreeks naar de specialist te stappen... Veel raadplegingen grijpen plaats zonder formele verwijzing, maar na meerdere raadplegingen in eerstelijn, en falen van proefterapie-en…; ook daar wordt quasi altijd een verslag overgemaakt aan de huisarts; in "ideologische" discussies zijn die contacten moeilijk catalogeerbaar, en hun bestaan wijst naar een probleem. Afspraken rond de "vrijdagopnames" na gefaalde proefterapie zijn zeker ook nodig, en het GMD moet zijn volle rol als drager van àlle medische gegevens ten volle kunnen spelen, in beide richtingen; het blijkt dat we daar nog ver van af zijn; in Wallonie zijn de relaties huisarts-longarts blijkbaar meer problematisch, met meer wederzijds wantrouwen, en de indruk bestaat dat laattijdige verwijzing daar een groter prbleem vormt.

Vooral Organisatie en Afspraken met kringen zoals UHAK lijken nuttig, inzonderheid omdat zij vanuit de realiteit en vanuit een bestaande en onontkoombare samenwerking gebeuren, eerder dan op ideologische basis gestoeld te zijn…


7 bis. Nationale Problemen organisatie en gezondheidspolitiek: artsen-ziekenhuizen.

Er persisteert een belangrijke problematiek ziekenhuizen-zh geneesheren, waar de taakgroep Perl op een weigering stootte vanwege de zikenhuisbeheerders. De discusie betreft vooral de vraag in hoeverre de arts vanuit zijn erelonen aan de ZH werking moet bijdragen; dat wordt omschreven als financiele verantwoordelijkheid en integratie… Onuitgesproken bestaat er een belangrijk conflictgebied rond taakverdeling, waarbij bvb ziekenhuizen een deel van hun historische taak van patientbewaring-bewaking afstoten…; afgebouwd verpleegkundig toezicht leidt tot medicolegale problemen. Prof Dillemans stelt een rapport terzake op, ondermeer met ideen omtrent ‘zuiver ereloon’, maar dat rapport stelt meer vragen dan antwoorden en dreigt eerder het conflict tot àlle grensgevbieden te veralgemenen…


8. Samenstelling dagelijks bestuur.
(6 leden) (Kandidaturen voor de Raad van Bestuur kunnen schriftelijk worden opgestuurd.).
Er zijn 2 leden opnieuw te verkiezen, het huidig bestuur is herverkiesbaar; Dr Bruart is ontslagnemend, en evident wordt hij bij voorkeur vervangen door een Franstalige. Dr Martinot en Dr Denaux zijn geinteresseerd maar houden hun antwoord nog in beraad, maar zullen dat achteraf bevestigen; Dr Martinot zal zich laten bijstaan door Dr Catherine Mercenier die ook goed tweetalig is. Langs Vlaamse zijde is Dr Demuynck ontslagnemend maar herverkiesbaar; ook Prof Debacker is kandidaat; hij is ook lid van het Bureau BVP. Er wordt geargumenteerd dat beroepsverdediging best breed gesteund is, door een zo groot mogelijk aantal geengageerden: het ‘breedsteunprincipe’. Dr Paul Demuynck wordt unaniem herverkozen.

Samenstelling Dagelijks bestuur:

Dr Jean Benoit Martinot (vice-président), Dr Dr Marianne Denaut, Dr Rene Deman, Dr Paul Demuynck, Dr Patrick Jadoul, Dr Frederic Therasse (secretaris) , Dr Boudewijn Vandemaele (Penningmeester), Dr Dirk Van Renterghem (Voorzitter)


Het Dagelijks Bestuur Beroepsvereniging Belgische Longartsen BBL (Lid VBS)

Kroonlaan 20 1050 Brussel
Tel 02 649 21 47
Fax 02 649 26 90
E-mail 
Info@GBS-VBS.org

Dr Dirk Van Renterghem

PDF versie


[verenigingen/v_pp/_private/navbar.htm]