|
|
| Home | Bestuurcomite |
Persbericht Federaal Kenniscentrum voor de
gezondheidszorg (KCE) Inwendige hartdefibrillatoren: geen koopjeHet Federaal Kenniscentrum voor de
Gezondheidszorg (KCE) deed in samenwerking met het RIZIV
en het Intermutualistisch Agentschap (IMA) een onderzoek
naar de meerwaarde, de kosteneffectiviteit en de te
verwachten budgetimpact van een verdere uitbreiding van
de indicaties voor de inwendige hartdefibrillator. Het
toestel wordt vaak ingeplant bij mensen die het achteraf
niet nodig blijken te hebben. Het KCE berekende dat deze
hartdefibrillator op langere termijn meer dan 150
miljoen euro per jaar zal kosten, bijna 1 % van het
totale budget van de ziekteverzekering. Er zijn ook nadelen verbonden aan een ICD voor de drager. Het toestel moet regelmatig gecontroleerd worden, het geeft soms onnodig schokken (bij 14 % van de dragers), om de vier à vijf jaar is een vervanging nodig en er worden beperkingen opgelegd bij autorijden. Aan dit hoogtechnologisch apparaat hangt een prijskaartje van meer dan 25.000 euro per implantatie. Deze hoge kostprijs, samen met het feit dat maar zelden een leven wordt verlengd door de werking van de ICD, maakt dat de kostprijs voor de gemeenschap hoog ligt: per gewonnen kwaliteitsvol levensjaar gemiddeld 72 000 euro. Indien wordt ingegaan op de vraag van de cardiologen zullen jaarlijks 2000 bijkomende implantaties zullen uitgevoerd worden, schat het KCE. De budgetimpact hiervan op langere termijn wordt berekend op meer dan 150 miljoen euro per jaar, bijna 1% van het totale budget van de ziekteverzekering. Het KCE concludeert dat een eventuele uitbreiding van
het gebruik van deze toestellen zou neerkomen op een
niet-efficiënte besteding van publieke financiële
middelen. Het aantal erkende implantatiecentra volstaat
om aan de noden te voldoen. Het KCE dringt erop aan dat
patiënten voor de ingreep goed worden geïnformeerd over
de voordelen en nadelen van een ICD implantatie. Gudrun Briat |
|
|
||
|
Copyright © VBS, 1997-2008 - Questions & Comments |