Home | VBS | Verenigingen | De Gids | Accreditering | Tarieven | Wetgeving | Partners | Publicaties | Hulp  
De Geneesheer-Specialist
Orgaan van het Verbond der Belgische Beroepsvereniging van Geneesheren Specialisten
Speciaalnummer - Februari 2006 Vorige Inhoud Volgende
 


VI. 2. Uitspraken

 

VI.2.1. Het Decreet Vlaamse gemeenschap van 3 maart 2004 betreffende de eerstelijns-gezondheidszorg en de samenwerking tussen de zorgaanbieders – Arrest van het Arbitragehof van 28.09.2005 nr. 147/2005.

De vordering tot nietigverklaring van het decreet van 3 maart 2004 in de mate dat de geneesheer-specialist uitdrukkelijk uitgesloten wordt uit de eerste lijn, gezamenlijk ingediend door het VBS en de BVAS en vermeldenswaardig gezien dit nogal uitzonderlijk werd gesteund door de federale overheid, werd door het Arbitragehof ontvankelijk doch niet gegrond verklaard.

De motivering van het arrest is nochtans niet onbelangrijk. Het Arbitragehof onderlijnt meerdere malen dat het decreet niet tot gevolg kan hebben dat de therapeutische vrijheid van de artsen-specialisten, de vrije keuze van de arts door zijn patiënt of de mededeling van inlichtingen tussen de zorgbeoefenaars kan beperkt worden. Het Arbitragehof wijst er op dat het noodzakelijk zal zijn er over te waken dat, in het kader van de uitvoeringsbesluiten van dit decreet, deze principes gerespecteerd worden. Inbreuken op deze principes moeten aangevochten worden voor de geëigende instanties.


VI.2.2. Vordering tot nietigverklaring van de wet van 22 juni 2004 en van art. 21 van de wet van 27 december 2004 houdende wijziging van artikel 140 GVU-wet. Arrest van het Arbitragehof van 11 januari 2006 nr. 5/2006.

In het kader van de wetten van 22 juni 2004 en art. 21 van de wet van 27 december 2004 werd art. 140 van de GVU-wet waarbij de procedure voor de Dienst van Geneeskundige Evaluatie en Controle wordt bepaald, gewijzigd. De eerste wetswijziging vormde naar zeggen van de Overheid een soort “reparatie-” wet. In de redactie van de Programmawet II van 24 december 2002[126], waarbij de individuele responsabilisering van de geneesheren werd ingevoerd en de procedure aangaande de geneeskundige controle grondig gewijzigd, was blijkbaar ongewild een fout geslopen. Een terugwerkende kracht tot 15 februari 2003 werd gegeven aan deze wetswijziging. De tweede wetswijziging was ingegeven door praktische problemen die gerezen waren bij uitvoering van de procedure. De wet voorzag dat de dossiers zowel in het Nederlands als in het Frans aan het Comité dienden te worden voorgelegd. Gezien het groot aantal documenten dat moest vertaald worden zorgde dit voor een onoverkomelijke flessenhals in de behandeling van de dossiers. De wet van 27 december 2004 voorziet in een behandeling per taalrol zodanig dat de documenten niet langer moeten vertaald worden.

Het VBS had zijn beroep gebaseerd op een niet te verantwoorden verschil in behandeling van de geneesheren ten opzichte van de andere zorgverstrekkers in het kader van de stemmingsprocedure. Voor de geneesheren worden immers de stemmen van de betrokken effectieve (en in geval van zijn afwezigheid van de plaatsvervangende) leden van het Comité geteld. Voor alle andere zorgberoepen wordt gezamenlijk gestemd per categorie. De praktijkervaring leert dat de bank van de geneesheren slechts zelden voltallig is. Artsen nemen deze taak vrijwillig en belangeloos op zich naast hun beroepspraktijk. Voor de geneesheren-afgevaardigden van de verzekeringsinstelling is het vervullen van deze taak een integraal onderdeel van hun gesalarieerde job. In de praktijk bestaat er dus een onevenwicht tussen beide banken. De toepassing van eenzelfde stemprocedure als voor de andere zorgverstrekkers had dit kunnen voorkomen. Het Arbitragehof heeft ons daarin echter niet gevolgd.


PDF-versie
 



[126] [126] Gepubliceerd in het BS van 31.12.2002

Questions & Comments
Copyright © VBS, 1997-2007
  Home | VBS | Verenigingen | De Gids | Accreditering | Tarieven | Wetgeving | Partners | Publicaties | Hulp