|
Vanaf 4 september 2006 zal uw stembiljet voor de komende medische
verkiezingen opnieuw in uw brievenbus vallen. De artsen krijgen de kans
om te stemmen. Wij roepen op om te stemmen voor een artsensyndicaat dat
blijft optornen tegen de niet aflatende stroom van politieke
beslissingen die louter draaien rond besparingen. Onder het mom van
evidence based medicine zadelt de politiek burger en arts op met economy
based medicine die niets te maken heeft met medische overwegingen. De
overheid wil met alle mogelijke middelen ingrijpen in uw medische
praktijk.
Ter herinnering, de verkiezingen betreffen de vertegenwoordiging
binnen het RIZIV en niet op het niveau van het FOD Volksgezondheid. Via
de BVAS krijgt het VBS heel wat RIZIV informatie. Alle specialisten die
namens de BVAS in de Nationale commissie artsen – ziekenfondsen zetelen
en in de Technisch geneeskundige raad zijn ook lid van het VBS. In de
FOD Volksgezondheid zijn de beroepsverenigingen de directe
gesprekpartners van de administratie en de minister in tal van domeinen
gaande van de Hoge raad voor geneesheren - specialisten en huisartsen,
over de erkenningcommissies tot de Colleges van geneesheren. Tal van
dossiers worden echter samen met de BVAS aangepakt en regelmatig worden
ook verzoekschriften bij de Raad van State samen ingediend.
Zoals in 2002 hebt U de keuze tussen twee representatieve
artsenorganisaties: BVAS-ABSyM (1) en Kartel/Cartel GBO-ASGB (2).
Hoewel het VBS meer betalende leden telt dan welke andere
artsenvereniging ook in België, kan het VBS toch niet deelnemen aan de
medische verkiezingen. Het beantwoordt niet aan de wettelijk bepaalde
criteria van representativiteit. Die stellen ondermeer dat, om als
representatief te worden erkend, zowel de belangen van specialisten als
van huisartsen moeten worden verdedigd. Het VBS telt geen huisartsen
onder haar leden.
België kent eerder een tarievenpolitiek dan een gezondheidssysteem.
Het RIZIV vormt daarvan het financiële centrum. Minister Demotte is er
van overtuigd dat huisartsen goedkopere zorg zullen afleveren, wat nooit
bewezen werd tenzij men de huisartsen verplicht een rantsoenering in te
stellen. En dus vaardigt de minister van Volksgezondheid en Sociale
Zaken de laatste tijd via het RIZIV besluiten uit die vooral de
huisartsen ten goede komen: het globaal medisch dossier, de zachte
echelonnering die hij in de regeringsverklaring van 12.10.2005 liet
inschrijven, de disponibiliteitshonoraria voor de huisartsen, de
subsidies bij de vestiging van huisartsen … .
Wij gunnen de huisartsen hun broodnodige financiële opwaardering. De
BVAS heeft er trouwens over gewaakt dat de consultaties van huisartsen
en specialisten samen werden verhoogd. Sommigen in de medicomut wilden
alleen de prestaties van de huisartsen opwaarderen.
Het VBS aanvaardt echter niet dat die opwaardering van de huisarts
gepaard gaat met arbitraire besparingsmaatregelen op de rug van de
specialisten. Want dat is wat er gebeurt als de plannen tot verdere
forfaitarisering of de referentiebedragen zouden worden gerealiseerd of
wanneer erkenningscriteria, louter gebaseerd op kwantiteits- i.p.v. op
kwaliteitscriteria, zouden worden geïmplementeerd, met sluiting van
bepaalde centra en afbouw van de lokale zorgverlening om louter
economische motieven.
De chronische onderfinanciering van de ziekenhuizen wordt
gecorrigeerd door het afromen van de artsenhonoraria. Onder zware druk
van de Vlaamse socialisten die het een topprioriteit noemden in hun
1-mei toespraken, wilde de Overheid de “supplementen” volledig
schrappen. Dankzij maandenlange inspanningen van het VBS en de BVAS
werden de originele plannen opgeborgen. Toch staan er in de wet
gezondheidszorgen(3) nog verontrustende bepalingen voor alle artsen die
kinderen behandelen die zijn opgenomen vergezeld van een ouder. De
uitvoering van dit wetsartikel zal ondermeer afhangen van een advies van
de medicomut. Het is dus essentieel dat we daar sterk staan om één van
de basisgegevens van het akkoordensysteem – het hanteren van sociale
tarieven met de mogelijkheid om in bepaalde situaties eigen honoraria
vast te stellen – te doen respecteren. Het Kartel ligt daar niet wakker
van, integendeel. Alleen de BVAS verdedigt er het VBS standpunt.
Het ziekenhuismilieu wordt ook om andere redenen onaantrekkelijk voor
de specialisten. Denken we maar aan de prenatale raadpleging van de
gynaecoloog die minder wordt terugbetaald dan die van de huisarts, die
dan op haar beurt weer minder wordt terugbetaald dan die van de
vroedvrouw. Sommige ziekenhuizen organiseren het zo dat alle prenatale
raadplegingen naar de vroedvrouwen worden gedraineerd. De nieuwe normen
die men de diensten pediatrie wil opleggen zijn onaanvaardbaar voor de
pediaters o.m. gezien het luttele budget dat de overheid er slechts voor
over heeft. En dan schrikt de overheid dat specialisten het ziekenhuis
ontvluchten!
Ondertussen doet die overheid alsof de meer dan 7.000 extramurale
specialisten niet bestaan. De Vlaamse overheid sluit bij decreet(4) de
specialisten uit de eerste lijnsartsen uit, maar dank zij een
tussenkomst van VBS en BVAS zegt het Arbitragehof dat dit decreet noch
de therapeutische vrijheid van de specialisten, noch de vrije keuze van
de arts door zijn patiënt kan beperken.
Zeer recent opperden kabinetsmedewerkers van Demotte om consultaties
gehouden in het ziekenhuis beter te honoreren dan in een privaat
kabinet. Weer een regelrechte aanval tegen de extramurale specialisten,
gesteund door sommigen bij het ASGB omdat zij van mening zijn dat
specialistische geneeskunde alleen in het ziekenhuis thuishoort.
Binnen het Kartel GBO-ASGB toont de GBO- vleugel een uitgesproken
aversie tegen specialisten die alleen in de verkiezingsperiode enigszins
getemperd wordt om de enkele tientallen specialisten van het ASGB niet
uit het Kartel te jagen. De GBO pleit voor verplichte inschrijving en
verplichte passage bij de huisarts vooraleer een patiënt een specialist
mag opzoeken. Dankzij de inzet van de BVAS zijn die teksten nooit door
de nationale commissie artsen - ziekenfondsen geraakt.
Wat willen wij als VBS specialisten?
Wij weigeren de uitsluiting van de specialist uit de eerste lijn.
Wij verzetten ons tegen elke vorm van echelonnering.
Wij willen financiële transparantie in de ziekenhuizen.
Wij verwerpen de financiering van de ziekenhuisdeficits vanuit onze
honoraria.
Wij kiezen voor de prestatiegeneeskunde en weigeren verdere
forfaitarisering.
Wij willen een gewaarborgde kwaliteitszorg die overal toegankelijk is
voor iedereen.
Wij weigeren de rantsoenering van zorg.
Wij weigeren discriminatie in de toegang tot bepaalde behandelingen
tussen ziekenhuizen.
De keuze is snel gemaakt. Alleen de BVAS-ABSyM zit op dezelfde
golflengte.
Brengt er dus massaal uw stem op uit, want het overlegmodel weegt pas
echt door als het gedragen wordt door een brede basis die zijn
onderhandelaars steunt.
Dr. J.L. DEMEERE, Voorzitter.
(1) Belgische Vereniging van Artsensyndicaten – Association Belge des
Syndicats Médicaux.
(2) Kartel/Cartel Groupement Belge des Omnipraticiens – Algemeen
Syndicaat der geneeskundigen van België
(3) Het wetsontwerp houdende diverse bepalingen betreffende gezondheid,
gestemd op 13.07.2006, was nog niet als wet in het Belgisch staatsblad
gepubliceerd bij het afsluiten van de redactie
(4) Decreet van 03.03.2004 van de Vlaamse gemeenschap betreffende de
eerstelijnsgezondheidszorg en de samenwerking tussen zorgaanbieders.
Arrest Arbitragehof nr. 147/2005, 28.09.2005
PDF-versie 
|