|
Daags voor onze vorige algemene vergadering van vorig jaar hield
Prof. Johan KIPS namens minister DEMOTTE tijdens een studiedag in Leuven
een opgemerkte uiteenzetting over de organisatie van de ziekenhuiszorg
voor kinderen.
In de ambulante sector stelde hij de vraag hoe de pediater kan betrokken
worden bij het beheer van het globaal medisch dossier (GMD) bij
kinderen, over het afsluiten van samenwerkingsprotocollen voor de
begeleiding van chronisch zieke kinderen en over de invoering van een
gedifferentieerd remgeld indien een kind door de huisarts naar de
pediater wordt verwezen.
De ziekenhuispediaters waren echter gekomen om te luisteren naar
oplossingen voor de onderfinanciering van hun medische activiteiten en
van de infrastructuur van de pediatriediensten. Het nijpend tekort aan
kinderartsen in de ziekenhuizen is een probleem van honoraria en niet
van man- of vooral vrouw-kracht.
Bij het RIZIV zijn er begin 2005 exact 1.400 pediaters als beroepsactief
ingeschreven, maar het RIZIV geeft niet aan hoeveel er een loutere
ziekenhuisactiviteit, een loutere privé activiteit of een gemengde
activiteit hebben. Uit een enquête onder pediaters, voorgesteld ter
gelegenheid van de nationale protestdag in Brussel op 07.05.2004, bleek
dat slechts 9 % van de pediaters exclusief binnen de muren van een
ziekenhuis wil werken, dat 23 % een voornamelijk ziekenhuisactiviteit
wenst en dat 68 % zowel intra- als extramuraal wil werken.
De pediaters kregen via KIPS van DEMOTTE een koude douche. Een aantal
ziekenhuizen zouden hun pediatriedienst moeten sluiten en met de
vrijgekomen financiële middelen zou er een financiering worden gecreëerd
om de pediaters te betalen die in het ziekenhuis de permanentie
waarnemen.
Tijdens mijn toespraak op 7 mei 2004, naar aanleiding van de
persconferentie en de betoging in Brussel, met aansluitend een bezoek
aan minister DEMOTTE op zijn kabinet onder grote mediabelangstelling,
deed ik als BVAS-voorzitter opmerken dat de inspanningen die we doen om
de intellectuele acten op te waarderen voor minder dan 20 % door de
Overheid worden gehonoreerd. Het akkoord 2004-2005 voorzag voor
gynaecologen en pediaters samen een bedrag van 1,339 miljoen EURO. Ten
gevolge van een initiatief van de werkgroep heelkunde van de Technisch
Geneeskundige Raad (TGR) van het RIZIV dat unaniem werd goedgekeurd door
de plenaire TGR, ging de Nationale Commissie Artsen-Ziekenfondsen op
07.06.2004 akkoord om het volledig bedrag van 1,339 miljoen EURO op
jaarbasis dat voorzien was onder punt 3, ontwerp N0405/02 van het
akkoord artsen-ziekenfondsen van 15.12.2003, integraal toe te wijzen
aan de pediaters. BVAS en de mutualiteiten gingen akkoord. Het Kartel
onthield zich.
Om de gynaecologen een echt dringendheidshonorarium te kunnen geven voor
bevallingen buiten de normale werkuren moet men over tenminste 6,2
miljoen EURO beschikken. De TGR vond het onverstandig om het bescheiden
bedrag van 1,339 miljoen EURO te spreiden over de beide disciplines.
De gynaecologen die enthousiast op het akkoord van 15.12.2003 hadden
gereageerd waarbij ze eindelijk een urgentiehonorarium zouden krijgen
voor hun nachtelijke of weekend bevallingen, reageerden teleurgesteld
en boos.
Het akkoord van 15.12.2003 stelt dat de opwaardering voor de pediaters
ten vroegste vanaf 01.07.2004 in voege zou kunnen gaan. Alhoewel de
RIZIV-instanties en het kabinet DEMOTTE het dossier snel afwerkten,
duurde het nog tot 18.01.2005 vooraleer het desbetreffend Koninklijk
Besluit werd gepubliceerd. De opwaardering voor de aanwezigheid van de
pediater bij de bevalling gaat in op 01.03.2005.
De plannen om pediatriediensten te sluiten stuit op groeiend verzet.
Alhoewel we herhaaldelijk hierover kabinetsmedewerkers van DEMOTTE
hebben ontmoet en ondanks onze herhaalde vraag, mochten we nog geen
enkel geschreven document van hen ontvangen.
Allerlei geruchten doen inmiddels de ronde. Zo zou een ziekenhuis dat
niet over een pediatriedienst (Dienst E) beschikt, geen materniteit meer
mogen openhouden, zelfs niet wanneer er vandaag honderden (> 400)
bevallingen per jaar worden uitgevoerd met de begeleiding van een
oproepbare pediater. De sluiting van de verloskundige bedden zou voor
enkele ziekenhuizen zelfs de sluiting van het ganse ziekenhuis betekenen
omdat het totaal aantal bedden beneden de minimum erkenningsdrempel van
150 belandt. Het voortbestaan van spoedgevallendiensten komt in gevaar.
De mogelijkheid tot chirurgisch ingrijpen (ORL, urologie, algemene
chirurgie, oftalmologie) komt in het gedrang indien het ziekenhuis niet
over een E-dienst beschikt, tenzij er een geschreven
samenwerkingsakkoord met een E-dienst van een ander ziekenhuis bestaat
of indien er binnen een straal van 25 kilometer geen ziekenhuis is dat
over een E-dienst beschikt. Ook de lokale NIMBY politici beginnen zich
te moeien met het voortbestaan van “hun” pediatrie in “hun” lokaal
ziekenhuis.
Op dit ogenblik is er nog geen officieel voorstel, laat staan een
oplossing. Feit is dat er geschermd wordt met allerlei criteria, niet in
het minst betreffende de kwaliteit van de dienstverlening, terwijl de
Overheid eigenlijk op een onuitgesproken manier een aantal kleine
ziekenhuizen weg wil drummen. En opnieuw steken al communautaire demonen
de kop op, want gezien de lagere ziekenhuisdensiteit in sommige delen
van Wallonië zullen er weer op maat gepaste uitzonderingsmaatregelen
moeten worden getroffen.
In de Kamer werden dinsdag 01.02.2005 een reeks vragen gesteld over de
ziekenhuispediatrie en over de materniteiten. Op geen enkele van de
vragen kon minister DEMOTTE een antwoord geven, waarop VLD-parlementslid
Annemie TURTELBOOM zelf haar analyse maakte die ze ook naar de media
doorspeelde. Hieruit zou blijken dat ten gevolge van de
hervormingsplannen van het kabinet DEMOTTE in Vlaanderen 13
materniteiten met sluiting worden bedreigd omdat in de betrokken
ziekenhuizen of ziekenhuissites geen E-dienst bestaat.
|
Bedreigde materniteiten |
|
Materniteiten |
Oplossing |
|
St.-Maarten Mechelen
Bornem
Stuivenberg Antwerpen
Lokeren
Deinze
St.-Vincentius Mortsel
Menen
Groenige Kortrijk
Asse
Wetteren/Geraardsbergen
Poperinge
|
naar St.-Maarten Duffel
verdwijnt
verdwijnt
verdwijnt
verdwijnt
naar St.-Vincentius Antwerpen
naar Roeselare
samensmelten tot één materniteit
naar O.L.Vrouw Aalst
naar ASZ Aalst
naar Ieper
|
Bron : Gazet van Antwerpen. 02.02.2005-02-04 |
Tabel 9 |
We herhalen dat al deze speculaties door geen enkel officieel bericht
van het kabinet worden bevestigd noch ontkend. De zaak “wordt
bestudeerd”. Hopelijk zullen de betrokken ziekenhuizen de sluiting van
hun diensten niet via het Belgische Staatsblad moeten vernemen, zoals
het de voorzitter van de Commissie Tegemoetkoming Geneesmiddelen verging
die op 31.12.2004 moest vernemen dat hem zijn voorzitterschap werd
ontnomen (cfr punt VIII.3.).
Of zal Steve STEVAERT hen persoonlijk de boodschap gaan mededelen,
vermits hij na het kraken van de prijzen van de geneesmiddelen, het
aftoppen van de specialistenhonoraria, het verbieden van “supplementen”,
het onmogelijk maken van zwartwerken, het fiscaliseren van de Vlaamse
zorgverzekering, nu ook ziekenhuizen wil gaan sluiten? Heeft hij
hierbij ziekenhuizen in het achterhoofd waar artsen “supplementen”
durven vragen of ook andere ?
Tijdens het symposium “De specialisten door de lijnen heen” n.a.v. het
50-jarig bestaan van het VBS dd. 25.09.2004, hield Dr. Michel PLETINCX,
voorzitter van de Belgische Beroepsvereniging van Kinderartsen, een
opgemerkte uiteenzetting over: “Het kind op de eerste lijn”. Maar kort
daarop lanceerden de Christelijke Mutualiteiten een aanval op de
eerstelijns kinderarts. Volgens de CM kan het niet dat kinderartsen zich
zouden profileren als de familiearts voor kinderen. Omdat ze per
consultatie meer aan de ziekteverzekering kosten dan de huisarts. Wat
natuurlijk een nogal simplistische redenering is.
Als gevolg van de succesvolle acties in de media in de maand mei 2004,
waaruit bleek dat de bundeling van krachten meer succes kent dan acties
van kleine subgroepen, nam de beroepsvereniging der pediaters het
initiatief om op te roepen tot de betaling van een gemeenschappelijk
lidgeld VBS én BVAS. Een 80-tal pediaters betaalden beide lidgelden,
waarvan 64 nieuwe leden. Het voortzetten van deze gemeenschappelijke
ledenwerving vergt nog overleg over een aantal administratieve
aanpassingen, gezien de BVAS niet centraal maar per Syndicale Kamer de
lidgelden int.
|