Home | VBS | Verenigingen | De Gids | Accreditering | Tarieven | Wetgeving | Verzekeringen | De Bulletijn | Hulp 

De Geneesheer-Specialist

Orgaan van het Verbond der Belgische Beroepsvereniging van Geneesheren Specialisten

Jaarverslag 2002 - 08 Februari 2003 Vorige artikel Vorige Inhoud van dit nummer Inhoud Volgende artikel Volgende
 


 

III.5. De accreditering

Dankzij de bijzondere inzet van de administratie, slaagde de accrediteringsstuurgroep er in om binnen een tijdsspanne van +/- 4 maand een kleine 15.000 dossiers te verlengen. Door overbelasting van de Dienst kon het in de steigers staande automatiseringssysteem nog niet gerealiseerd worden. De situatie t.o.v. mijn vorig jaarverslag is nauwelijks verbeterd (106)

Door tegenwringen van de mutualiteiten is een nieuw reglement in verband met de minimumactiviteit nog steeds niet goedgekeurd. Het werd al in 2001 in de Technische Accrediteringsraad uitgewerkt onder impuls van Dr. Roland LEMYE, afgeketst door de CM in de accrediteringsstuurgroep, verwezen naar de Nationale Commissie Artsen-Ziekenfondsen en daar tot driemaal toe door CM-voorzitter Marc JUSTAERT naar de Griekse kalender verwezen.

De geanonimiseerde resultaten van een grootschalige enquête over de activiteitsdrempel 1998 van 1.250 patiëntencontacten per jaar, leidden niet tot praktische conclusies en beleidslijnen. Het gevolg is dat sommige, vooral oudere, collega’s hun accreditering kwijtraakten terwijl ze er volgens de geest van het systeem wel degelijk recht op hebben, maar vallen onder de brute bijl van het aantal patiëntencontacten. Deze situatie wordt door de slachtoffers als zeer onbillijk ervaren, en leidt voor de voorzitter van de Commissie van beroep van de accreditering, tevens onze VBS-voorzitter, Prof. Jacques GRUWEZ, tot zeer pijnlijke situaties, waar hij geen verweer tegen heeft. Het is mogelijk dat in 2003 voor het eerst bij de Raad van State klachten aanhangig worden gemaakt wegens het verlies van accreditering. Nochtans wordt de grote meerderheid van de ingediende beroepen opgevist door de Beroepscommissie, mits voorleggen van aanvullende gegevens of documenten.

Het aantal geaccrediteerde artsen t.o.v. vorig jaar is met 445 of met 1,91 % gedaald (cfr tabel 9) terwijl het absoluut aantal bij het RIZIV geregistreerde artsen toch met 580 eenheden steeg. 
 

VERGELIJKING aantal geaccrediteerde artsen 01.02.2003-01.02.2002

2
0
0
3

 

Aantal actieven Aantal geaccrediteerden  % geaccrediteerden

2
0
0
2

01.02.2003

01.02.2002

01.02.2003

01.02.2002

01.02.2003

01.02.2002

 

Artsen 001-002

3.693

3.809

0

0

0,00

0,00

 

  Huisartsen 003-004

13.781

13.640

9.649

9.882

70,02

72,45

 
  Huisartsen 005-006

748

753

0

0

0,00

0,00

 
  Huisartsen 007-008

2

3

0

1

0,00

3,33

 

 

TOTAAL

18.224

18.205

9.649

9.883

52,95

54,29

 

 

Geneesheer specialist in opleiding (GSO)

3.459

3.383

1

0

0,03

0,00

 

1.

Dermato-venerologie

636

622

509

515

80,03

82,80

1.

2.

Oftalmologie

983

964

761

759

77,42

78,73

2.

3.

Radiologie

1.456

1.434

1.090

1.118

74,86

77,96

3.

4.

Pathologische anatomie

272

262

203

199

74,63

75,95

5.

5.

Gastro-enterologie

405

388

302

296

74,57

76,29

4.

6.

O.R.L.

578

567

421

427

72,84

75,31

6.

7.

Neurologie

183

168

130

123

71,04

73,21

10.

8.

Fysische geneeskunde
en  fysiotherapie

434

431

308

319

70,97

74,01

8.

9.

Pneumologie

318

306

222

222

69,81

72,75

11.

10.

Nucleaire geneeskunde

312

304

216

228

69,23

75,00

7.

11.

Radiotherapie

151

142

104

104

68,87

73,24

9.

12.

Cardiologie

822

791

555

558

67,52

70,54

12.

13.

Psychiatrie

595

527

398

340

66,89

64,52

19.

14.

Urologie

349

342

230

241

65,90

70,47

13.

15.

Anesthesie

1.639

1.562

1.079

1.068

65,83

68,37

14.

16.

Gynecologie-verloskunde

1.287

1.255

839

854

65,19

68,05

15.

17.

Reumatologie

252

238

161

160

63,89

67,23

17.

18.

Orthopedie

893

857

552

583

61,81

68,03

16.

19.

Inwendige geneeskunde

2.002

1.966

1.235

1.284

61,69

65,31

18.

20.

Klinische biologie

699

697

421

438

60,23

62,84

20.

21.

Pediatrie

1.361

1.320

811

828

59,59

62,73

21.

22.

Neuropsychiatrie

1.358

1.378

805

847

59,28

61,47

22.

23.

Chirurgie

1.443

1.423

715

755

49,55

53,06

24.

24.

Neurochirurgie

146

138

72

70

49,32

50,72

25.

25.

Plastische chirurgie

190

182

92

98

48,42

53,85

23.

26.

Stomatologie

305

301

128

137

41,97

45,51

26.

 

TOTAAL SPECIALISTEN

19.069

18.565

12.359

12.571

64,81

67,71

 

 

TOTAAL SPECIALISTEN + GSO

22.528

21.948

12.360

12.571

54,87

57,28

 

 

ALGEMEEN TOTAAL

40.752

40.153

22.009

22.454

54,01

55,92

 

Tabel 9

Bron : Accrediteringsstuurgroep RIZIV
 

De daling is algemeen bij de specialisten (met uitzondering van de psychiaters) en bedraagt gemiddeld 2,9 %. Bij de huisartsen is de afname geringer, nl. 1,34 %.
Zoals gebruikelijk worden de specialisten in tabel 9 gerangschikt van de meest naar de minst geaccrediteerden. De top drie blijft ongewijzigd : dermato-venerologie, oftalmologie en radiologie. Stomatologie blijft op de laatste plaats staan en daalt nog verder met 3,54 %. Misschien zijn er een aantal stomatologen die de volledig forfaitaire betaling van het accrediteringssysteem der tandartsen verkiezen, boven het Q30-systeem (0,81 euro of 33 BEF) dat per raadpleging kan worden aangerekend en het accrediteringsforfait dat in 2003 op 527,77 euro (21.290 BEF) werd vastgesteld. (107).


 

 
Vorige artikel Vorige Inhoud van dit nummer Inhoud Volgende artikel Volgende
[106] "Doet Frank Vandenbroucke de accreditering imploderen ?". VBS-jaarverslag 2001. Dr. M. Moens. 02.02.2002. [107] Punt 1.3. van het Akkoord Artsen-Ziekenfondsen van 19.12.2002.

Questions & Comments

Copyright © VBS, 1997-2004

  Home | VBS | Verenigingen | De Gids | Accreditering | Tarieven | Wetgeving | Verzekeringen | De Bulletijn | Hulp