|
II. De eerste medisch-syndicale verkiezingen
II.1. De organisatie
Hoe de syndicale verkiezingen tot stand kwamen heb ik in mijn
jaarverslag over 1997 van 07.02.1998 onder punt IV uiteengezet.
Na vele wijzigingen aan de originele K.B.s besliste de BVAS op
18.03.1998, na een zeer woelige discussie toch deel te nemen aan de verkiezingen. De
Vlamingen waren grotendeels tegen deelname, de Franstaligen grotendeels voor. De stemming
in twee ronden gaf 30 pro en 22 contra.
Op VRT Radio 1 gaf de voorzitter van de Wetenschappelijke Vereniging
van Vlaamse Huisartsen (WVVH), Dr Jos DE SMEDT, op 05/05/98 de huisartsen het advies op
het Kartel te stemmen. Een vrij merkwaardig initiatief voor een wetenschappelijke
vereniging, die officieel door de Vlaamse minister van Volksgezondheid, Wivina DEMEESTER,
financieel wordt gesteund. De radiojournalist vergeleek de demarche dan ook met de
steunoproep van weleer door de onderpastoor vanop de kansel.
Vermits het VBS zich in den beginne op de vlakte hield omdat ze bij
wet van verkiezingsdeelname was uitgesloten, besloot het met een brief van 14.05.1998 toch
alle specialisten op te roepen te stemmen. Verscheidene beroepsverenigingen volgende het
voorbeeld. Uiteindelijk leverde het VBS een belangrijke informatieslag.
Een motie van de B.V.V.G.G. vanwege zijn voorzitter Dr. Jacques
DEBOIS liet, zonder instructies te geven, aan duidelijkheid niets te wensen over. En
terecht, want zoals blijkt uit de budgetdiscussies in de N.C.G.Z., heeft het Kartel niet
veel over voor de extramurale specialisten.
Het RIZIV verstuurde op 28 mei 1998 37.383 stembiljetten aan de
Belgische artsen. Op 30 juni jl. waren er 26.671 of 71,4 % stemomslagen teruggestuurd,
waaronder 315 met een poststempel na 12 juni, uiterste datum van terugzending : 80
huisartsen en 235 specialisten. De BVAS had van bij het begin trouwens opgemerkt dat 15
dagen een te korte termijn was in het bijzonder voor specialisten die zich om
organisatorische redenen soms moeilijk tijdens de openingsuren konden aanbieden in een
postkantoor.
Omdat de regering de verkiezingen van de medisch-syndicale
organisaties in de beleidsorganen van het RIZIV democratisch wou organiseren, liet zij
derhalve ook de 80 % Belgische artsen die nooit waren gesyndiceerd meestemmen. In
dezelfde lijn heeft de BVAS dan ook steeds bij het RIZIV aangedrongen om een maximaal
aantal stemmen in rekening te brengen en het formalisme te minimaliseren.
De leden van het hoofdtelbureau, Dr. Jerôme DEJARDIN, Voorzitter
van de Nationale Commissie Artsen-Ziekenfondsen, de Heer François PRAET, Leidend
Ambtenaar van de Dienst voor Geneeskundige Verzorging en de Heer Raymond DELAHAYE,
Secretaris van de Nationale Commissie Artsen-Ziekenfondsen, hebben met deze vraag wel
degelijk rekening gehouden. Dr. Michel VRAYENNE, Voorzitter van de Confederatie der
Belgische Geneesheren (onderdeel van het KARTEL) had zich aangesloten bij deze vraag die
Dr. M. MOENS in zijn functie van BVAS-voorzitter schriftelijk had gesteld. Beiden
waren getuigen bij het hoofdtelbureau.
Op te merken valt dat de RIZIV-cijfers duidelijk afwijken van de
door het Ministerie van Volksgezondheid geregistreerd aantal artsen : 39.240 (waarvan
37.383 door het RIZIV aangeschreven of 95,3 %) met 18.339 huisartsen (RIZIV 16.919 of 92,3
%) en 20.901 specialisten en specialisten in opleiding (RIZIV 20.464 of 97,9 %).
Uitgaande van de cijfers van het Ministerie van Volksgezondheid
bracht 68 % der artsen zijn stem uit (26.665 op 39.240) : 64 % der huisartsen (11.887 op
18.339) en 70,7 % der specialisten (14.778 op 20.901). Rekening houdend met de
RIZIV-aantallen wordt dit resp. 71,4 % (26.671 op 37.383) in het totaal, 70,2 % van de
huisartsen (11.890 op 16.919) en 72,2 % van de specialisten (14.781 op 20.464) (tabel 1).
De hoge participatiegraad vooral bij de specialisten is ongetwijfeld mede te danken aan de
VBS-oproep om mee te stemmen.
De RIZIV-administratie heeft de eerste artsenverkiezingen vlekkeloos
laten verlopen via de 20 telbureaus en het hoofdtelbureau.
Terwijl minister SMET de sociale verkiezingen bij de bedienden- en
werknemerssyndicaten uitstelde tot mei 2000, gingen de artsenverkiezingen toch door.
Het Arbitragehof had immers uitspraak gedaan naar aanleiding van de
BVAS-klacht dat de overige gesprekspartners in het RIZIV een vertegenwoordiging kregen in
verhouding tot hun aantal leden, terwijl alleen voor de artsen verkiezingen moeten worden
georganiseerd. Het verdict luidde dat de BVAS niet werd gediscrimineerd, vermits de wet
toeliet dat ook aan andere beroepsgroepen via verkiezingen in de toekomst een aantal
afgevaardigden kan worden toegekend.
II.2. De resultaten
De BVAS behaalt een ruime absolute meerderheid : 17.737 stemmen op
26.414 rechtsgeldige stembiljetten of 67,15 % (tabel 2), en dit vanuit een electoraal
verloren gewaande uitgangspositie mede als gevolg van het opzeggen van het akkoord
artsen-ziekenfondsen. Sommige perscommentatoren hadden bij die gelegenheid voorspeld dat
de " achterban van een syndicaat met hardliners die met heimwee terugdenken aan
vervlogen tijden toen dokters nog notabelen en specialisten halfgoden waren, een
uitstervend ras is " (Stefaan HUYSENTRUYT, FET 25/02/98). En meer van dat
fraais.
In Vlaanderen heeft ± 35 % van de huisartsen voor de BVAS gestemd,
in het Franstalig gedeelte ruim 45 %. Of met andere woorden : ± 40 % van de Belgische
huisartsen kiest voor de BVAS . Bij de specialisten stemt 89,2 % BVAS : ± 87 % van de
Vlamingen en
± 90 % van de Franstaligen (tabel 3).
In de beleidsorganen van het RIZIV, tenzij in de symbolische
Commissie Artsen-Ziekenfondsen : van 8/3 naar 7/5.
Dit feit moet enorm gerelativeerd worden : indien de BVAS 157
huisartsenstemmen meer zou hebben behaald, zou de stand 3/6 zijn geweest i.p.v. 2/6 nu.
Indien de BVAS 294 specialistenstemmen meer had gehaald, waren 6/6
zetels voor ons tegenover 5/6 nu. Met andere woorden : indien de BVAS 451 stemmen meer had
behaald of 1,7 % van de uitgebrachte stemmen was het resultaat in de Nationale Commissie
Geneesheren-Ziekenfondsen 9 zetels op 12 geweest (tabel 4).
Ter vergelijking : om 1 huisartsenzetel extra te halen had het
Kartel 1.803 stemmen meer nodig. Om 1 specialistenzetel meer te bekomen liefst 2.150 !
De regels van het spel zouden tegen een volgende verkiezingsronde
trouwens best herdacht worden. Het is immers niet logisch dat voor 1 huisartsenzetel 1.934
rechtsgeldige stemmen volstaan, terwijl er voor een specialistenzetel 2.419, of 485 meer
nodig zijn. |